De oude beuk zegt: “Wat ben jij kaal van boven.”
De oude man zegt: ” Welnu jij bent kaal van onderen èn zo te zien ook van boven.”

De oude beuk: “Ben jij soms ook kaal van onderen? Waarom ben jij kaal van boven en van onderen?”

De oude man: “Mijn haren vallen uit èn waarom ben jij kaal van onderen en boven?”

De oude beuk: “Mijn bladeren vallen af en waarom vallen jouw haren van boven en onderen uit?”

De oude man: “Da’s de ouderdom.”

De oude beuk: “Wanneer komen jouw haren van boven en onderen terug?”

De oude man: “Helaas, nóóit meer!”

De oude beuk: “Da’s sneu voor je.”

De oude man: “Waarom vallen jouw bladeren van onderen en boven af?”

De oude beuk: “Omdat ik geen last heb van ouderdom. Mijn bladeren komen elk jaar terug, tenminste als jij mij met rust laat.”

DOMME MAN!